Hooikoorts treft ons vaker, want we leven ’te schoon’

door

Het nies- en snotterseizoen is weer begonnen. We niesen ons suf nu de pollen weer volop actief zijn. Dit weekend is er een reusachtige stijging in het aantal pollen. Er lijken steeds meer mensen met een hooikoortsallergie rond te lopen. Is dat ook zo? Wij vroegen het aan een allergie- en een pollendeskundige.
ARNHEM – Het nies- en snotterseizoen is weer begonnen. We niesen ons suf nu de pollen weer volop actief zijn. Dit weekend is er een reusachtige stijging in het aantal pollen. Er lijken steeds meer mensen met een hooikoortsallergie rond te lopen. Is dat ook zo? Wij vroegen het aan een allergie- en een pollendeskundige. “Grofweg één op de vijf Nederlanders heeft hooikoorts. Dit aantal is hoger dan jaren geleden”, aldus Geesje Hartong-Nierop, allergoloog bij Allergiecentrum Rijnstate Velp. Zij zien een toename in het aantal pollenpatiënten. Een van de belangrijkste oorzaken is dat mensen steeds minder in aanraking komen met bacteriën, want tegenwoordig leven wij heel steriel: we wassen ons vaker dan vroeger. Een Duits onderzoek uit de vorige eeuw toonde aan dat de kinderen die opgroeiden op een ‘vieze’ boerderij – die continu in aanraking kwamen met dieren, modder en mest – minder snel allergieën ontwikkelden dan kinderen die er niet opgroeiden. “Denk aan een kind buiten in de zandbak, die wroet met handen in het zand en stopt zand in de mond. Kinderen die veel buitenspelen komen in contact met veel verschillende allergenen”, voegt Maurice Martens, bioloog bij Pollennieuws toe. Juist die blootstelling is heel erg belangrijk voor een sterk immuunsysteem. “Mensen wassen tegenwoordig vaker de handen met antibacteriële zeep, leven in stofvrije huizen, etc. Bij te weinig blootstelling aan vreemde bacteriën gaat het lichaam zich keren tegen onschuldige stoffen zoals huisstofmijt als het er tóch mee in aanraking komt. Een allergische reactie kan hierop volgen.” Of je hooikoorts krijgt, is niet geslacht of leeftijd gerelateerd. “Iedereen kan hooikoorts krijgen”, aldus bioloog Maurice. “Je kunt het krijgen in je jeugd, in je puberteit maar zelfs na je pensioen.” Toch is er wel een voorwaarde. Allergoloog Geesje vertelt: “Je moet een genetische aanleg hebben.” Door de genetische aanleg heb je meer kans op het ontwikkelen van hooikoorts. “Als een kind twee ouders heeft die hooikoorts hebben, dan heeft het kind zestig procent kans ook hooikoorts te ontwikkelen.” Als een ouder vroeger geen antistoffen opgedaan heeft tegen pollen door bijvoorbeeld buiten te spelen, dan is de kans des te groter dat de kinderen later allergieën ontwikkelen tegen pollen. Hooikoortspatiënten reageren niet allemaal op dezelfde pollen, sommigen reageren op boombloesem en grassen, anderen reageren enkel op kruiden. Dit verschilt per persoon. Zorgwekkend is dat de pollenperiode steeds langer wordt. Dit heeft te maken met klimaatverandering. “Klimaat is een grote speler voor pollen ontwikkeling, elk jaar worden er steeds meer pollen geteld. Sommige soorten planten bloeien steeds vroeger.” Bepaalde soorten hazelaars bloeiden vroeger in januari maar die staan tegenwoordig al in december in bloei. Luchtvervuiling heeft ook een aandeel in de pollenverspreiding. De stuifmeeldeeltjes hechten zich vast aan luchtvervuilingsdeeltjes. Bij inademing komen de pollen in de luchtpijp en longen terecht. Bij dagen met veel droogte en windstilte Vaak gaat een pollenallergie samen met een voedselallergie. Bij een pollenallergie reageert je lichaam heel sterk op het stofje histamine. Histamine is aanwezig in pollen maar ook in etenswaren. Ze komen veel voor in dierlijke producten met veel eiwit, zoals eieren en vis. Daarnaast komt het ook veel vrij bij gefermenteerde producten -denk aan zuurkool- maar ook in sterk bewerkte producten zoals ham en worst. De verwachting is dat het aantal hooikoortspatiënten de aankomende jaren zal blijven stijgen.

WP Radio
WP Radio
OFFLINE LIVE